Donderdag 26 t/m maandag 30 januari 2012: van Santiago naar Bocas

Na een hele relaxte busrit vanuit David (airco, expressbus, hele foute Latino MTV clipjes op flatscreen naast chauf) kwamen we eind van de middag in het bergdorpje Boquette bij hostel Mama Llena aan. Soms heb je van die momenten dat je ergens binnenloopt en alles meteen goed voelt en je het idee hebt dat je thuiskomt. Dat was hier dubbel en dwars het geval. Een heerlijke huiselijke sfeer, onze eigen kamers (Francis, Evie en Liselet bij mij, de jongens met z'n vieren op een kamer en Britt, Dianne en Sanne ook op een eigen kamer), fijne warme douche, prima grote keuken met alle faciliteiten die je nodig hebt en heerlijke gratis koffie! Toen ik ook nog de hangmatten zag hangen op het achterterras met uitzicht op de omringende bergen, het gratis gebruik van de computers met internet en de vriendelijke glimlach van de manager Victor wilde ik eigenlijk nooit meer weg!

De eerste avond hebben de kids heerlijk gekookte in de gemeenschappelijke keuken en zijn we daarna het nachtleven van Boquette gaan ontdekken. Dit was gelukkig erg beperkt en uiteindelijk na een heerlijke bananen- of kokos shake in een briljant ingericht kroegje konden we weer terug naar de hostel. Boquette staat bekend als de meest veilige plek van Panama en dat voel je ook overal op straat.

De volgende ochtend konden we heerlijk uitslapen en werden we getrakteerd op een gratis pannenkoeken-ontbijt. Vervolgens brachten Zack en Victor, onze gidsen van Mama Llena, ons naar de Caldera hotsprings. Daar hebben we de hele dag in een ijskoude bergrivier gezwommen, afgewisseld met heerlijk weken in warme baden tussen de 25 en 45 graden. Er kwam ook nog een aapje met ons spelen en knuffelen en we zijn met de gidsen nog van wat rotsen afgesprongen de rivier in. Vervolgens brachten Victor en Zack ons naar de Lost and Found Eco Lodge. Wat heerlijk om weer eens met echte intelligente mensen te kunnen praten over mooie onderwerpen zoals de invloed van Amerika, de verschillen in cultuur en politiek en de levenstijl waar je voor kiest of welke je opgedwongen krijgt door het milieu waar je uit komt. En dat alles dan met prachtige bergen en natuur op de achtergrond!

Op het moment dat we het busje uitstapten begon het keihard te regenen, waarop onze gidsen opmerkten dat we nu wel begrepen waarom het een regenwoud heet. We hebben onze rugzakken op onze schouders gehesen en zijn een steil en glibberig pad opgelopen. Na zo'n twintig minuten stevig doorhiken kwamen we volledig buiten adem aan op één van de mooiste plekjes op aarde met uitzicht op de vulkaan. De ontvangst was super en de vrijwillgers bij de lost and found waren allerliefst. Ze hebben die eerste avond voor ons een tafelvoetbaltoernooi georganiseerd in de bar.

Aangezien de leerlingen niet mochten drinken hield de hele bar zich keurig in, totdat ze om elf uur eruit werden geschopt. Ik ben daarna nog een hele tijd blijven doorpraten met de onderzoekers daar over hun papers en bevindingen. Met name met Spider (die wonderbaarlijk genoeg onderzoek deed naar Tarantula's in het regenwoud) die onze groep helemaal fantastisch vond en alle Hollanders bleven maar vragen stellen over ons project en vonden het briljant wat we deden. Wat een schatten allemaal zeg! De volgende dag hebben de kids de hele dag treasurehunt gedaan over de prachtige hiking-paden rond onze Lodge.

De volgende ochtend wederom met pijn in ons hart en met ons eigen busje richting Bocas Del Toro afgereisd. We zullen de Lost and Found nooit vergeten en gaan hem zeker inplementeren in het nieuwe programma voor volgend jaar. Uiteindelijk met een taxibootje met zo'n 200pk erachter naar Bocas Del Toro gebracht vanuit Almirante. Bij de opstapplaats kwamen we Victor nog tegen van de Mama Llena die andere gasten afzette en één van die gasten was de Braziliaan Ricardo die met ons naar de hotsprings was gereisd. Panama is maar een klein landje als je in het backpacker-wereldje reist.

Bocas zelf viel ons een beetje tegen na de rust en de natuur van de bergen. Het is echt een toeristisch oord. Dit hebben we dan ook maar voluit benut door de laatste dag van onze reis te vullen met heerlijk golfsurfen op een prachtig eilandje tegenover Bocas del Toro zelf; Isla Carenero. Helaas bleek aan het eind van de dag dat er drie rugzakjes van ons stiekem achter ons rug om waren weggepakt. Wij moesten dan ook nog eerst langs de politie om aangifte te doen voordat we lekker konden eten en weer aan boord konden gaan. We werden half uitgelachen door de politie en die zeiden ook "ja, dat gebeurt daar op dat eiland regelmatig". Er lopen blijkbaar een hoop onbetrouwbare types rond die je echt lange tijd in de gaten houden en dan hun slag slaan. Wij hebben niks doorgehad en hadden toch liever vooraf dit verhaal gehoord. Gelukkig zijn het maar spullen en verkeerd de hele groep zich momenteel in goede gezondheid en dolgelukkig om weer aan boord te zijn. Hier en daar nog een klein beetje buikklachten bij wat leerlingen en wat jeukende muggebulten, maar gelukkig allemaal niks ernstigs. Zelfs Siebrand en Yke huppelen alweer rond over het dek als jonge hertjes.

Morgenochtend vertrekken we heel vroeg naar Costa Rica en dan door naar Cuba. Vandaag (woensdag 1 februari) en gister hebben Joost en ik vol trots naar onze ijverige kids gekeken. Na 3 weken plezier op land was direct aan boord de motivatie voor het schoolwerk weer terug en iedereen is keihard aan het werk om de achterstand in te halen en sommigen zelfs om vast lekker vooruit te werken op hun school. Supermooi om te zien! Tot over een paar daagjes weer als we weer internet hebben.

 

Maandag 23 t/m woensdag 25 januari 2012: landbouwschool in Atalaya

Maandagochtend zijn we met een gehuurde touringcar naar Atalaya gereden, met een tussenstop aan het strand van de Pacific in een schattig vissersdorpje haverwege de weg van Panama City naar Santiago. Voor velen van ons was dit de eerste keer dat we met de voetjes in de stille oceaan stonden. Rond twee uur kwamen we aan bij de landbouwschool van de paters in Atalaya bij Santiago. Deze school is rond 1961 opgericht door drie Nederlandse paters. De eerste anderhalve dag daar waren erg teleurstellend. Het was heel veel rondhangen en wachten tot er iets ging gebeuren, om er dan vervolgens achter te komen dat we weer moesten zitten en luisteren of aandachtig met een rondleiding over het terrein mee moesten doen, terwijl we zo graag actief wilden meedoen met de leerlingen en de lessen en het hele bedrijf.

Joost en ik hebben daarom de tweede avond maar gewoon het heft in eigen handen genomen en met hulp van een aantal hele actieve laatstejaars Panamese leerlingen twee lijsten met namen aan elkaar gekoppeld. Zo hebben we mooie paren gevormd van elk van onze leerlingen met een Panamese jongen samen. Wat er zich toen voor mijn neus afspeelde zal elk docentenhart sneller hebben doen kloppen. De Panamese jongens, allemaal tussen de 14 en 19 jaar oud, gaven Spaans aan onze leerlingen en onze kids gaven Engels aan de Panamese jongens. Fantastisch om te zien hoe soepel en snel zo'n interactie dan verloopt en hoeveel ze ervan opsteken en van leren als het op zo'n speelse wijze gebeurt.

Na een aantal uren van geblader in woordenboeken, tekeningen met uitleg en veel handgebaren en stiekem geflirt en gelach sloten de nieuwe koppels de dag af in de gymzaal met een paar heerlijke potjes volleybal, basketbal en voetbal. Onderling hebben ze afspraken gemaakt over de volgende ochtend, afhankelijk van welke taken hun Panamese buddy moest uitvoeren. Dit resulteerde de volgende ochtend in prachtige boerderij activiteiten. Een grote groep van ons moest al om 5:00uur 's ochtends paraat staan om de koeien te melken. Weer anderen moesten de voorbereiden van het eten doen, kippen voeren, varkens verzorgen, jonge hertjes melk geven, tomaten plukken, kruidentuin en moestuin onderhouden, kuddes bij elkaar drijven, rook spuiten in de bijenkorfen met de jonge imkers en nog veel meer activiteiten die op een boerenbedrijf de dagelijks gang van zaken zijn.

De energie die onze kinderen die dag uitstraalden moet bijna voelbaar zijn geweest in Nederland! Prachtig om te zien hoe snel op die manier ook vriendschappen gevormd worden. Er liepen op het terrein ook een zestigtal nuldejaars rond die een week lang bezig waren met een selectieprocedure. Niet de paters zelf bepaalden wie er na de vakantie aangenomen zouden worden, maar de laatstejaars droegen deze verantwoordelijkheid. Zij zaten de laatste dag bij elkaar om schema's met beoordelingen in te vullen over de groep nuldejaars en aan de hand van inzet en motivatie werd bepaald in hoeverre deze jonge jochies uit heel Panama voldeden aan de hoge eisen van deze school.

De laatste avond na het eten hebben we weer alle koppels bij elkaar gezet en hebben ze middels een bespreking van de dag en een discussie over de sociale problematiek van de jeugd van Panama en de jeugd van Nederland nog veel Engels en Spaans zich eigen weten te maken. Ter afsluiting mochten een aantal kinderen hun bevindingen en oplossingen voor de problematiek voor de groep presenteren. Met name het verhaal van Jason en Leonardo raakte mij erg, waarin ze beiden benadrukten dat een goede maatschappij opgebouwd wordt vanuit het gezin en de familie en dat je juist op deze lokale manier met educatie en informatie voorziening problemen als geweld, drugs en alcohol misbruik kunt aanpakken. Ik heb ze in gebrekkig Spaans laten weten dat ik hieruit opmaakte dat ze een heel mooi hart hadden! Twee blozende glunderende Panamese pubers was het resultaat.

Ter afsluiting van deze prachtige intellectuele avond mocht iedereen losgaan op de muziek van een heerlijk bandje. Bij al hun nummers hoorden geniale danspassen met de hele groep en alle panamesen wisten ons volledig mee te trekken in hun enthousiasme en uitgelaten stemming! Springend, rennend, botsend, buigend en dansend gingen we los! Vervolgens ging de muziek over in wat traditionelere salsa-melodieën en konden de Panamese jongens schoorvoetend onze meiden benaderen. Leonardo was zelfs zo correct dat hij eerst toestemming vroeg aan de pater om mij ten dans te mogen vragen. Nadat iedereen met iedereen duizend keer op de foto was gezet was het eindelijk bedtijd.

De volgende ochtend zijn we met mijn Bocas-groepje als eerste vertrokken met de lokale bus richting Santiago om hier vervolgens over te stappen op de bus naar David. We werden nog uitgezwaaid door de jongens en moesten beloven snel weer terug te komen en contact te houden. Op de volgende internet-plek zag ik dat ze binnen een paar allemaal onze facebook accounts hadden gevonden en allemaal stuk voor stuk hun profielfoto hadden veranderd in eentje met iemand van ons samen! Zo leuk om te zien dat zij het ook zo fantastisch met ons hebben gehad, want voor ons wat dit een geniale manier om meer in de cultuur van Panama te kunnen duiken en contacten op te doen met gelijkgestemden van volledig andere culturen en achtergronden!

 

Dinsdag 17 t/m zondag 22 januari 2012: Gamboa & Panama City

Onze volgende bestemming was het Gamboa rainforest, op ongeveer een half uurtje rijden van Panama City vandaan. We verbleven in Guido's house, een superluxe hostel midden in het regenwoud, waarbij de kolibries, toekans, roofvogels, apen, buideldiertjes, leguanen en andere fantastische dieren zomaar in je achtertuin rondscharrelden. Guido (de eigenaar dus) is één van de meest prettige mensen die ik mijn leven heb ontmoet. Zo zachtaardig, behulpzaam en begaan met onze groep dat ik nu tranen in mijn ogen krijg als ik eraan terug denk. Hij is zelf bioloog en heeft nog een aantal biologen als gids in dienst om met name groepen kinderen kennis te laten maken met de biodiversiteit van Panama en dan het regenwoud in het bijzonder.

We zijn enorm verwend met het eten, werden de hele dag overspoeld met vers fruit en heerlijke koffie en hadden dan ook nog eens onze persoonlijke gids en chauffeurs ter beschikking om alles in de omgeving te ontdekken. Een dagje naar de Casco Viejo (het oude deel van de stad), naar het Panama Kanaal waar we door de Nederlandse ambassade werden ontvangen en een tripje naar het moderne deel van Panama stad. Dit was allemaal erg leuk om gezien te hebben, maar de reden waarom je hierheen zou moeten gaan is toch echt de natuur. We hebben hele gave birdwatching en wildlife tours ondernomen met onze gids Michael. Zelfs een nachtwandeling door het woud, waarbij hij letterlijk zomaar de bosjes induikt en terugkomt met een baby krokodil in zijn handen om ons te laten vasthouden en aanraken.

Het hostel bleek ook nog te beschikken over gratis Wifi en een computer, zodat onze kinderen in groepjes de terugreis naar Bocas konden gaan plannen en boeken. In vergelijking met de Indianen was het overdreven luxe, maar ik heb toch gek genoeg niemand horen klagen over de heerlijk warme douches, de zachte bedden en het fantastische eten en drinken dat ons werd aangeboden. Guido heeft ons samen met Michael ook nog heel veel verteld over Panama en de flora en fauna en heeft daarnaast ook onze kinderen goed geholpen met het vinden van mooie plekken tussen Santiago en Boca del Toro. Het was namelijk de bedoeling dat wij als docenten ons nergens mee mochten bemoeien en dat de leerlingen volledig zelfstandig een expeditie terug naar de boot moesten organiseren in drie groepen van tien.

Siebrand en Yke hadden helaas teveel last van hun knie om nog mee te kunnen reizen en zijn vanaf Panama City via Portobelo waar de Regina nog lag met Lambert naar Bocas del Toro doorgevlogen om daar heerlijk in een hostel te relaxen en te herstellen van hun blessures. Ben en Marijke vlogen zaterdag alweer terug naar Nederland en Sacajawea had een weekje vakantie in Panama City met haar vriendje. Toen ook nog bleek dat Till terug naar huis ging met zijn vader, omdat er problemen waren met zijn school in Duitsland werd de groep ineens heel klein. Nog maar 30 leerlingen en 3 docenten verbleven de laatste nachten bij Guido. Guido heeft me beloofd om met zijn gezin bij me langs te komen als hij eind april naar Europa moet voor zaken. Ook willen we hem volgend jaar veel meer direct gaan betrekken bij de planning van onze tijd in Panama. Hij had briljante ideeën, zoals kanoën op het kanaal, snorkelen in de Pacific, eco- en wildlifetours speciaal voor jonge geesten en ga zo maar door! Dat wordt echt zo fantastisch, aangezien het nu al zo goed geregeld was allemaal!

Ik merk dat de verhalen steeds korter worden en dat is niet omdat het in Gamboa nou zoveel saaier was dan bij de Indianen. Juist niet! Ik heb mijn ogen uitgekeken naar al die prachtige planten en dieren die zomaar zonder hekje ertussen om je heen vliegen en lopen. Verder was Panama City zelf niet erg interessant, maar Gamboa voelde heerlijk rustig en sfeervol aan. Ik heb elke avond genoten van de rust in de tuin bij het hostel en lekker sterren liggen kijken vanuit de hangmat op de veranda. Deze plek is absoluut een aanrader voor iedereen die naar Panama reist en zeker voor de vogel-gekken onder ons: www.advantagepanama.com

 

Vrijdag 13 t/m maandag 16 januari 2012: Emberá indianen

Leven met de Emberá indianen was vier volle dagen lang de meest fantastische ervaring die velen van ons ooit hebben meegemaakt en wellicht ooit nog mee zullen maken. We waren hier geen toeristen, maar onderdeel van de familie en draaiden mee in het dagelijks leven en deelden in hun ervaringen. Een soort interactieve visite eigenlijk en het voelde dan ook echt alsof we thuis waren in de hut. De familie was ontzettend lief en ook in de andere hutten was de sfeer zo gemoedelijk en prettig. Iedereen kwam weer volledig tot zichzelf en stond even stil bij het eigen soms hectische leven en dankzij alle rust en het relaxte levenstempo hadden we weer ruim gelegenheid voor reflectie hierop en op onze eigen ikken. Het gekke was dat ik de boot meer miste dan mijn eigen thuis en dat ik Anne, Elskarin en Martin meer miste dan mijn eigen familie. Apart wat zo'n drie maanden met je kunnen doen.

We hebben onze dagen gevuld met het wegkappen van gras en onkruid met machetes ten behoeve van een weiland voor de Emberá, met het maken van spannende donkere tochten door de grotten aan de Bayano rivier, met het doen van hele mooie hikes de bergen in en met zwemmen in de rivier. Daarnaast mochten alle vrouwen in de hut zich bezighouden met eten koken, wassen en schoonmaken en mochten tevens op les om manden te vlechten en andere prachtige dingen te maken van het materiaal dat de natuur ons aanbood.

Naast al deze fantastische activiteiten was er ook nog ruimte voor interactieve ontspanning op andere vlakken. We hebben geniale voetbalwedstrijden gehouden tegen en met de Emberá mannen. Er stonden in onze hut enorme grote bekers en trofeeën van alle kampioenschappen die het dorp gewonnen had en dat was ook duidelijk te zien aan de briljante manier waarop zij met het balletje omgingen. In mijn fanatisme ben ik ook nog zo handig geweest om de middelste teen van mijn linkervoet zwaar te kneuzen op het scheenbeen van een zeer wendbare Emberá spits. Het feit dat ik vlak daarvoor nog een prachtig goal had weten te scoren was echter maar een schale troost. Inmiddels loop ik dus al 3 weken een beetje onhandig, maar de pijn is bijna weg gelukkig.

De avonden hebben we gevuld met Engelse les geven aan de bewoners van onze hutjes. Zo leuk om te zien dat ze dat zo graag wilden leren en daarom ook zo gemotiveerd meededen. In mijn hut was het vooral Anel die zich voortdurend bij zijn engels docent meldde, maar ook zijn vrouw en schoonzusje deden graag mee. Ondertussen kreeg ik les in de taal van de Emberá van vader Harami, alhoewel ik om Spaanse les had gevraagd. Esterbina sprak helemaal geen Spaans of Engels, alleen Emberá, maar op de één of andere manier heb ik zulke fantastische en eindeloze gesprekken met haar weten te voeren, dat het net leek alsof we op een hoger niveau met elkaar in verbinding stonden. Langs de oevers van de rivier in de schaduw van de palmbomen, vertelde ze me tijdens het wassen of eten koken alles over haar zoons, haar dieren, het leven in haar dorp en alles wat ze meemaakte met betrekking tot roofdieren, andere dorpsbewoners en alles wat zij zoal tegenkomt op een dag.

De tweede en de vierde avond werden we getrakteerd op een authentiek Emberá feestje met prachtige traditionele muziek waarop we moesten leren dansen volgens de traditionele stijl. Wat een genot om onze kinderen in eerste instantie een beetje verlegen om zich heen te zien kijken, maar vervolgens over de dansvloer te zien zweven aan de hand van een Emberá of met elkaar. Wat dapper om op je vijftiende gewoon op iemand af te stappen die je niet kunt verstaan en dan ten dans te vragen. Zowel de Emberá jeugd als onze kids hadden duidelijke een grote portie moed weten te verzamelen. Tenslotte wilde de plaatselijke jeugd natuurlijk ook nog van ons leren hoe wij dan dansten in onze disco's. Ik moet tot mijn grote spijt eerlijk toegeven dat de polonaise de meest populaire dans was in de ogen van de Emberá. Dus voor alle reizigers die nog na ons dit dorp gaan bezoeken: sorry!

Als klap op de vuurpijl is een aantal van ons de nacht voor vertrek nog op krokodillenjacht gegaan en nog succesvol ook. Er lagen drie grote krokodillen voor onze hut de ochtend dat ik wakker werd. Een supertrotse Anel (hij had ze gevangen en ik vermoed dat hij het volgende opperhoofd wordt, gebaseerd op zijn jachtkwaliteiten, het contact met de jeugd in het dorp en alle andere kwaliteiten die ik vol bewondering heb mogen aanschouwen) paradeerde bijna rond zijn hut en verteld enthousiast aan zijn mede-dorpsgenoten hoe hij dat voor elkaar had gekregen. Nadat we ook van het heerlijke krokodillenvlees hadden kunnen genieten bij het ontbijt was het helaas tijd om te gaan.

Ik was niet de enige die met een brok in de keel de bootjes weer instapte. Het was muisstil aan boord en af en toe keek er iemand over zijn schouder naar het steeds kleiner wordende groepje indianen tussen de bomen aan de oever van de rivier. Ik ben verliefd geworden op deze mensen en op dit dorp, maar ook vooral nog veel verliefder op onze groep. Hoe zij allemaal hebben weten om te gaan met deze manier van leven is uniek. Thuis is ieder uit onze groep gewend aan alle luxe die de westerse wereld te bieden heeft, maar zonder klagen schakelen ze om naar gaten in de vloer als WC, één kraantje met een plastic zeil eromheen als douche en slapen op de grond van een hutje zonder muren. Zeer bewonderingswaardig om deze omschakeling in cultuur te zien en het aanpassend vermogen hierin van onze leerlingen. Ik ga zeker nog eens terug, zo snel mogelijk het liefst. Wellicht om samen met Jaap ons voornemen om deze mensen te helpen met onderwijs, gezondheidszorg en het binnenhalen van meer inkomsten uit toerisme zonder verlies van hun onafhankelijkheid en de authenticiteit van hun cultuur en tradities.

 

Donderdag 12 januari 2012

Zo, en dan ben je weer terug aan boord na drie weken genoten te hebben van een fantastisch land en realiseer je je dat je de blogs en foto's van de afgelopen drie weken nog op je website moet zetten... De komende blogs zijn dus volledig uit herinnering en ik probeer ze zo kort mogelijk te houden, aangezien we beperkt internet toegang hebben en morgen (donderdag 2 februari) alweer doorreizen naar Cuba via Costa Rica.

Op donderdag 12 januari zijn we in Portobelo van boord gegaan en nadat iedereen de broodjes gekregen had bij de lokale sandwichbar konden we de eerste bus instappen rond half tien 's ochtends. Wonder boven wonder konden we er met z'n allen tegelijk in en was er dus plek voor zo'n 38 personen. We hadden er expres voor gekozen om met het openbaar vervoer te reizen en dit houdt in Panama in dat je in zogenaamde chicken-buses, oftewel oude Amerikaanse schoolbussen, bovenop elkaar met tassen op schoot samengeperst zit. Wel een unieke ervaring tussen alle panamesen in en met ontzettend mooi uitzicht door de grote open ramen op de natuur en dorpjes onderweg.

Eerste stop was Colon, waar we moesten overstappen op de bus naar Panama City. Hier kwam al direct de toeristen politie op ons afgestapt om te kijken of we hulp nodig hadden en of we niet beter een airco-bus konden huren. Ze hadden er echter veel respect voor dat we met openbaar vervoer wilden reizen, toen we hadden uitgelegd dat we het land zo optimaal konden ervaren. Het tweede deel van het traject moesten we wel in drie groepen reizen, omdat de bussen overvol waren. Een paar schoolkinderen van zo'n tien jaar moesten erg grinniken om al die lange gringo's met hun bagage en wisten als kleine aapjes over onze tassen heen naar de uitgang te klimmen toen we bij hun bushalte aankwamen. Dit alles onder luid applaus van de rest van de bus.

Na zo'n twee uur reizen kwamen we rond één uur aan bij Albrook Station in Panama City. We waren nog een beetje stil van het enorme contrast in deze stad en met name de hypermoderne en gigantische skyline die we vanuit de bus hadden mogen aanschouwen. Dit was niet het Panama wat wij gewend waren. De hutjes met de rieten daken en de prachtige natuur waren ver te zoeken in deze mega-stad. Onze laatste overstap deed erg lang op zich wachten en toen we uiteindelijk bij de Bayano rivier aankwamen begon het al donker te worden. Dit wekte enigszins stress op, aangezien ons verteld was dat de Kuna Yala indianen die ons naar de Emberá indianen zouden brengen met drie bootjes, liever niet 's nachts varen. Tot onze grote opluchting lagen en keurig drie bootjes te wachten op ons en nadat alle tassen, kinders en docenten waren ingeladen begon het laatste deel van onze reis. Jaap was samen met Merwin en Marijke in Panama City achtergebleven en als Marijke haar bagage had opgeslagen en Merwin zijn uitslag op zijn buik had laten onderzoeken zouden ook zij onze kant opkomen.

De boottocht begon met een prachtige oversteek over het stuwmuur en bracht ons vervolgens de Bayano rivier op waar we in het donker, omringd door vuurvliegjes en spannende geluiden, probeerden om op de kant de schaduwen van bomen en hutten te ontcijferen. Halverwege de tocht kwamen we ineens een bootje met KLM-stewardessen tegen (die zijn ook overal) en dit bleek de crew te zijn van de tante van Jeltje, die als verassing de hele middag op ons in het idianendorp hadden zitten wachten. Helaas waren we door alle overstappen veel later dan gepland aangekomen en moesten zij dus alweer terug naar Panama City. Renée zat de volgende dag op de vlucht naar huis met deze dames en het voelde als een enorme geruststelling dat ze dus onder prima begeleiding veilig thuis zou komen.

Rond half acht legden onze drie boten aan en pakte iedereen zijn zaklampje om te zien waar dan het trapje de kade op was. Mijn eerste stap aan wal bij de Indianen was bijna bovenop een (niet alleen in mijn optiek) enorm grote, zwarte wolfsspin en mijn tweede stap op zijn iets grotere, bruine broertje. Toen heb ik maar gewoon mijn lampje uitgedaan en niet alleen omdat ik dan mezelf kon wijsmaken dat ze er helemaal niet waren, maar tevens omdat mijn hoofd (waar het lampje aan vastzat) belaagd werd door een variëteit aan vliegende insecten die dachten "aha, bij dat lichtje is vast een heel mooi feestje!!". Toen iedereen bovenaan de uit natuurstenen gefabriceerde trap was aangekomen werden we verwelkomd door de indianen-families en verdeeld over vier hutten.

Ik zat met Jorrit, Coen, Liv, Yoram, Sanne, Britt, Daisy, Tess en Haike in de hut van het regio-opperhoofd Harami, met vrouw Esterbina, dochters Yamilla en Jeanette, schoonzoon Anel en kleinzoon Roderick van 3 maanden. Nadat we heerlijke rijst met vis hadden gekregen, het toilet hadden weten vinden in het donker in de bosjes en waren uitgelachen door de familie vanwege de onhandige manier waarop we onze spiksplinternieuwe klamboe's wisten op te hangen, was iedereen heel erg toe aan slaap. We zijn op onze matjes op de vloer in de hut gekropen en hebben tussen al het krekelgetsjirp, hondegeblaf, kikkergekwaak, hanengekraai en andere oerwoudgeluiden een poging tot slapen gedaan.


Pagina laatst bijgewerkt door Mappits op 1-02-2012 15:57